Inhoud Storybook
+ Hoofdstuk 7
+ Hoofdstuk 6
+ Hoofdstuk 5
+ Hoofdstuk 4
- Hoofdstuk 3
  Koers
  Chult
3.1Voorbereidingen
3.2Trossen Los!
  De Boot
3.3Haaienvoer!
3.4Wrede Verstekeling
3.5Aerial Action
3.6Wyverns & Ooze, bah!
3.7Pirates & Pregnancy?
3.8Het komt...
3.9Kraken=Pussy!
3.10Tamoachan dracolisk
  Dracolisk
  origineel plaatje
3.11Vervelend Varrangoin
3.12Urol? Oerol!
3.13Storm en Zeewier
3.14Zeewieraanval!
3.15Het zwart hart
  Sargasso - kaart
3.16The Mother Of All
3.17Victory!
  Loot en stats
+ Hoofdstuk 2
+ Hoofdstuk 1
 
Login
Loginnaam
Wachtwoord
 
 
Registratie
Wil je ook zelf nieuws-berichten, sage advice tips, forum berichten en nog veel meer kunnen achterlaten op deze site? Vraag dan hier een useraccount aan.
Registratie
HOMEPAGE | SAVAGE TIDE ADVENTURE PATH | HOOFDSTUK 3: THE SEA WYVERN'S WAKE
Sinds wanneer neukt een draak een basilisk?Sinds wanneer neukt een draak een basilisk?Gespeeld bij/in Grou op 27 aug 2008
(reacties)
18 Eleasis 1375

Terwijl Templeton en Tin-a-Tin zich bezighouden met buitchirurgie laat Bohairic een bootje in het water zakken. Met onzichtbare hulpjes, watten, hout, lege flessen en lege vaten gevuld met stoflapjes probeert hij zo veel mogelijk van de krakeninkt in te zamelen. De komende dagen, terwijl Templeton en de anderen het nieuwe gewaad uitproberen, heeft Bohairic twee dingen aan het hoofd. ’s Ochtends het schip repareren en ’s middags destilleren. Na vijf dagen heeft hij een indrukwekkend voorraad van het spul en deze wordt veilig opgeborgen in zijn bijna draagbaar laboratorium. Het weer is met de dag zonniger geworden, de passagiers zijn teruggekeerd, en Avner vertelt hoe die kraken zijn ballistaschoten alleen kon ontwijken door de Zeewyvern vast te pakken en zich daarachter te verstoppen. De draaikolkmanoeuvre van de kraken was dus ook bedoeld om de Nachthaai te ontwijken, want die kon iets scherper zeilen vanwege haar stagzeilen.

Amella vraagt de dwergen om de tuigage bij de Wyvern aan te passen en een stagzeil te proberen te monteren, brigantijnachtig, om voortaan scherper te kunnen varen. Dit gaat enkele weken duren.

Urol komt eindelijk uit de wolken nadat hij een kraken heeft gezien en wordt daarna net zo vervelend omdat hij zich zo heel erg verheugd op in Tamoachan komen. De verhalen van een ruďne in het oerwoud hebben hem echt geraakt en hij hoopt nieuwe slangen en spinnen te kunnen ontdekken, en misschien ook meenemen!

Skald lijkt weer tot rust te komen en valt niet weer flauw. Hij speculeert liever niet over de bron van zijn droom en hoopt zoiets nooit weer te ervaren. Amella voegt toe dat als er Grote Machten met je leven beginnen te bemoeien, kun je beter snel erachter komen hoe je er weer vanaf komt!

Zes dagen later, op een broeierige ochtend, komt de Wyvern in zicht van een aantal rotskolommen, ‘stacks’ volgens Urol en Bohairic, en dit blijkt aan te geven dat ze in de buurt zijn van de ruďnes. Het schip laat de zeeankers zakken en een bot gaat naar het strand toe, met de groep en Urol aan bord. Ze spreken af om voor zonsondergang terug te komen. Urol laat een kopie van zijn kaart achter voor de zekerheid en het ploegje loopt de jungle in.

Het wordt uiteindelijk een heet maar rustig trekje door de bomen heen. Insecten zijn er in overvloed maar grotere dieren blijven uit de buurt. Waarom dit zou zijn piekert niemand over, en op een gegeven moment zijn ze (volgens Sheler en Urol) in de buurt van waar ze moeten zijn. Door de bomen is het topje van een ziggoerat te zien en Urol doet het kaartje in zijn rugtas.

Tijdens het wandeltochtje heeft hij een kleurrijke vogel aangetrokken en deze zit nu op zijn schouder. Hij noemt haar Mevr. Vogelzang en vertelt haar hoe ze straks allerlei lekkere spinnen en kevers mag eten, zodra ze dit vervelend hagedisje hebben opgeruimd. Na een uur in de hitte lopen is zijn aardse geur behoorlijk aangesterkt, en iedereen blijft op enkele meters afstand van de harige gnoom. Bohairic bezigt zich met scrollen en spreuken, en Tin-a-Tin gaat weer onzichtbaar. Voordat ze uit zicht verdwijnt, propt ze een witte onderbroek op haar hoofd.

“Avner zal het toch niet missen!” zegt haar stem uit het niets.

Hope en Templeton hebben lappen stof om hun hoofden gewikkeld. Die van Templeton is wit, van Hope rood. Hij noemt het steeds een Ramboband maar niemand snapt de referentie. Bohairic meent een keer een verhaal te hebben gehoord over een soort guerrillastrijder die ook heel goed kon boksen, maar weet niet of hij nou Rocko, Rambo of Ramby heette. Volgens het verhaal zou die kerel er nog steeds zijn, en nog altijd tegen het onrecht strijden. Misschien dat hij ondood is?

In ieder geval, ook Sheler en Timothy hebben stof om hun voorhoofden, klaar om hun ogen te beschermen. Iedereen heeft min of meer voorzorgmaatregelen klaar voor gebruik en de groep komt aan bij de rand van het bos. Het oerwoud opent zich en een groot ruimte wordt onthuld. Ooit stond dit allemaal binnen de ziggoerat, wat nog steeds imponerend staat, ook al is het nu ook helemaal aan de elementen blootgesteld. Schilderijen van springende luipaarden en jaguars bedekken de muren, zichtbaar onder de klimop. Tientallen opgezette boskatten liggen aan de wanden van de open ruimte, naast enkele bijzonder goed geconserveerde standbeelden, waaronder geen Maztican te zien is. Van de vijf gangen die ooit toegang verleenden tot de diepte van de ziggoerat zijn er nu slechts twee niet vervallen.

Tot de grote verbazing van Urol stoppen de groep niet binnen de bosrand maar lopen ze vrolijk het plein op! Hun aankomst gaat ook niet onopgemerkt want de basilisk heeft ze blijkbaar al horen aankomen. Hij heeft nog meer verrassingen in petto, en springt de lucht in aan grote, zwarte vleugels wanneer ze binnen bereik zijn van zijn verstenend blik!

Uit een berg rotsen en een vervallen muur lag stijgt het goed gecamoufleerd beest. Vol tien voet lang, met de acht poten van een basilisk maar de vleermuisachtige vleugels van een draak! In de paar seconden nodig om een hoofddoeken over de ogen te frommelen is het voor sommigen bijna te laat. Diepe, groengloeiende ogen vangen hun blikken en het is echt een gevecht om tegen de kwade kracht van de dracolisk te vechten. De groep splitst meteen, iedereen zoekt dekking! Vloekend en toch geschrokken rent iedereen uit de weg van het aanvliegend beest. Stof waait op om de groep heen van een tweede vleugelslag en de dracolisk kraait hard en lang, boos dat noch niemand aan zijn blik is bezweken.

“Potverdikkie!” roept Urol, “wat een vet beestje!”

De dracolisk opent zijn muil en spuugt groene zuur op Templeton en Urol. Beide springen uit de weg en redden het met slechts schroeiplekken.

“Echt vet!” zegt Urol, en hij grijpt voor een hoofddoek. “Tjonge – wat een interessant gevoel!”

De modderige gnoom springt de bosjes in en verzekert zich dat zijn tenen niet versteend zijn.

Templeton kan net wegkijken van de groengloeiende ogen van de dracolisk als het over hem heen vliegt. Het gewicht van acht olifantachtige poten maakt het geen aerodynamische vlieger en het ziet eruit dat het de bomen net zal missen!

“Gore tyfusbeest! Probeer mij te verstenen? Ik dacht het niet!”

De Genasi laat de magie van zijn laarzen en ring door zijn benen vloeden en springt woedend de lucht in. Hij vliegt door de lucht, schilden uitgereikt, maakt een salto en beukt op de flank van het beest na zijn spin! Acht punten gaan erin en één krijs komt eruit. De dracolisk kijkt snel naar achter met zijn felle blik, maar de Genasi staat al op de grond – en geblinddoekt ook.

Hope staat rechtop middenin het plein met zijn extrakrachtige, extragoed verzorgde, extradure boog in zijn handen. Hij schiet zeker tien meter naast de dracolisk en zijn pijl komt neer met een doffe bonk op een schuurdeur in het bos.

“Dat kan tenminste wél raken,” zegt Hope, kalmpjes.

Hij pakt een tweede pijl van de koker bij zijn heup en loopt langzaam door het plein, buiten bereik van die snode blik.

Bohairic, zijn ogen bedekt, schiet bliksem op de dracolisk af. Zelf ziet hij het vlees niet schroeien, maar hij ziet wel hoe de dracolisk gepijnigd zijn hoofd heen en weer schudt.

De vleugels slaan nog een keer naar beneden en de dracolisk stijgt over de rand van de bomen. De vier achterpoten hangen slap onder het beest dankzij Templeton zijn aanval. De klauwen kletteren door de boomtoppen en laten bloedsporen achter.

Tin kijkt omhoog en houdt een giechel met moeite binnen. Ze heeft een nieuw spreukje en ze pakt haar kans! Ze vindt een snufje zand in haar broekzak en laat het door haar vingers sijpelen. Een paar woordjes er achteraan en de dracolisk begint te snurken! Het houdt op met vliegen en stort de bomen in!

De kleinere bomen aan de rand van het plein kunnen het gewicht niet aan. Zes honderd kilo aan verwarde dracolisk botst en krakt onderweg naar de grond. Bohairic, die een of andere sluwe plan had onder de vorige vluchtpad van het beest, moet omdraaien en terugrennen. Hope ziet het beest niet meer en moet zijn boog laten vallen, net op tijd! Uit de linkertunnel vliegen een heleboel zwarte hagedissen met vleugels – jonge dracolisks! Ze komen met volle vaart uit de tunnel en kraaien terug naar de grote.

“Kindjes? Dat beest is een vrouw?” Hope heft een wenkbrauw en maakt zich klaar voor de jonkies, die allemaal op hem af komen. Als ze bij hem in de buurt komen komt er een rokend, groen goedje uit hun bekken!

“Hagedissen hebben geen tieten!” roept Urol van onder zijn struik.

“Liever tieten dan zuur spugen!”

Hope springt heen en weer, bukt en rolt tussen de stromen zuur, en vindt op een gegeven moment zijn bijl terug. Op een paar groene strepen op zijn rug na, blijft hij ongedeerd. Hij veegt ze met een hand af en schudt het op de grond.

“Stelt niks voor, jongens.”

Templeton struikelt door de bosjes naar het geluid van de dracolisk. Zijn jarenlange ervaring bij het jagen onderwater zijn misschien doorslaggevend, anders heeft hij Tymora’s eigen geluk. Ook al heeft hij geen magische hulp weet hij het beest keer op keer te raken met zijn schilden. Net voordat het weer de lucht in springt, krijgt het een schildspies in de keel.

Timothy blijft uit de weg van de vliegende beestjes en kruipt dichter bij Hope voor het geval hij wel een keer gewond raakt. Ook Bohairic komt die kant op. Hij heeft bliksemschichten klaar voor wat hij het kort en bondig beschrijft als ‘meervoudige doelwitten loodrecht uiteengezet’.

Dit boeit Hope lang niet zo veel als de bijl in zijn handen en de zes rare kippen met zuur en klauwen. Twee vliegen naast elkaar en worden zijn eerste prooi. Hij rent naar voren, bijl laag en rechts, en haalt uit. Hij draait naar links en slingert zijn bijl in een dodelijke boog. Het adamantium glinstert in de middagzon en snijdt de twee dracoliskjes beide in tweeën als een heet mes door boter. Hope makt zijn draai af en zoekt nieuwe beestjes.

In de bosjes begint Sheler te gloeien als ze haar lichtharnas aanzet. Timothy mompelt een gebed en een cirkel om hem heen gloeit even. Stof waait op en met een geluid als een bel verdwijnt de gloed. Bohairic ziet drie beestjes voor zich en heeft zijn bliksem bijna losgelaten wanneer Tin-a-Tin ertussenin springt.

“Thoth en Isis, Tin!”

“Sorry, Bo, maar hij keek me zo lief aan!”

Tin maakt een reeks sprongetjes en steekt een dracoliskje met haar dolk. Op het laatste moment houdt ze de steek in, op zoek naar magie om te jatten. Haar teleurgesteld blik spreekt voor zich en het beestje draait razendsnel om. Uit zijn krop komen rare borrelgeluidjes en uit zijn bek de geur van chloor.

En dan is Hope er. Zijn bijl maakt een boog om Tin heen, van haar linkervoet over haar hoofd heen en weer naar beneden. Twee dracoliskjes liggen weer in stukken op de grond en Tin knippert haar ogen tegen Hope.

“Kon het niet dichter bij m’n gezicht, jongen?”

Een shoufgeluidje kondigt Templeton aan en hij spietst het laatste beest door.

“Ja Hope, denk om haar rare hasses!”
*****************************************************************

“Zie je wel?” roept Urol. Hij klapt zin handen vrolijk, “Ik zei toch dat een hagedis geen probleem zou zijn! Fantastisch werk, echt fantastisch!”

Zijn aandacht wordt getrokken door de standbeelden die op verschillende plekken staan.

“Die arme stakkers! Zouden we iets voor hen moeten doen, denk je?”

De groep kijkt naar de standbeelden; een Tiefling wizard of warlock, een priesteres van Talona, een Ranger, en twee Oosterse vechters; een monnik of ninja en een samoerai.

“Niet veel lol te beleven, lijkt mij,” zegt Tin, nadat Bohairic ze heeft geďdentificeerd.

“Ze zullen hier nog staan wanneer we terugkomen,” zegt Bohairic, “We hoeven nu nog niet te kiezen wie leeft en wie sterft.”

“Wat mij betreft krijgen ze nu hun welverdiende straf!” oppert Sheler, met een blik op de priesteres van Talona, “Jij zei tyfus, Templeton, en van haar krijg je het wel!”

Templeton neemt het voortouw en loopt door de linker tunnel naar binnen, waar de jonkies vandaan kwamen. De rest volgt hem de duisternis in, totdat Sheler ze inhaalt en alles weer licht wordt. De gang loopt slechts vijftien voet voordat het eindigt in een tien voet brede overloop, zeker vijftig voet lang. De overloop kijkt uit over een grotere kamer aan het noorden, toegankelijk door een korte, brede trap. Deze trap loopt onder een brede stenen boog, afgewerkt met skeletten en slangen. Door de ingekerfde skeletten heen drijft zwarte rook dat de koers van de boog volgt. Het geheel is imponerend en eng en iedereen is onder de indruk. Nou, bijna…

Templeton schopt takken, stukjes eierschaal en kleine botten langs de wand.

“Niks! Niks interessants! Stomme beesten… mompelmompel… rare hasses… mompelmompel”
De grote kamer achter houdt wat ooit een adembenemend maquette van een stad was. De tijd heeft zijn tol geëist aan de kaart en het is nu net zoveel puin als de stad zelf, boven. De muren zijn ooit kleurrijk geschilderd met afbeeldingen van een hofhouding in ceremonieel tenue, en een koning met zijn magnifieke legers. Paden traceren de kamer en in het midden staat een breed plein waar een lage, stenen tafel staat.

“Ik herken deze boog,” zegt Bohairic, “Het is Maztican, één van de oude stammen die de Chult schiereiland ooit bewoonde. Het vertegenwoordigt de ingang van het land des doods; hierachter ligt dus een graftombe, of een plek waar de priesters lijken konden voorbereiden voor het hiernamaals. Het is ook magisch, als dat niet al duidelijk genoeg was. Necromantisch ook.”

Urol bewondert de boog en maakt snel tekeningen in een schrift. Hij raakt de steen voorzichtig aan en wordt een beetje bleek.

“Brrrrr! Ik krijg er rillingen van! Na jullie!”

Timothy loopt dichterbij de gnoom en hij kalmeert weer zichtbaar. Tin-a-Tin gaat eerst de grote kamer in, na een spreuk om haar te beschermen van het kwaad. Onder de grote boog krioelt de rook sneller en Tin krijgt ook kippenvel.
“Yondalla’s jolige tietjes, jongens! Da’s eng!”

Templeton loopt ook snel de kamer in en samen gaan ze naar het noordoost, waar een soort holte in de muur. Achter in de holte is een spleet in de steen, dat dieper ondergrond leidt. Sheler en Timothy doorkruisen de kamer ook, staan bij de ingang tot de spleet.

“Ik ga dieper kijken,” zegt Sheler. Haar licht laat een lange, smalle gang zien dat loopt naar beneden en verdwijnt snel om de hoek.

“Ik sta hier wel veilig,” zegt Timothy.

Op dat moment barst een muur van vlam in leven aan de noordkant van de grote kamer! Opeens wordt alles rood en dan begint de muur van vuur door de kamer te lopen! Binnen een paar seconden heeft het de holte gepasseerd en Timothy moet zijn kleren vegen waar ze in brand zijn gevlogen! Ook Templeton heeft er een paar donkere plekken, maar Tin-a-Tin is wel veilig. Ze heeft zich achter Templeton verstopt!

Het vuur loopt de kamer af en verdwijnt, en daarna begint het opnieuw!

Templeton haalt zijn schouders op en loopt de tunnel in. Sheler en Tin-a-Tin lopen achter hem aan, en hij versnelt een beetje om uit het licht te blijven. Hij heeft het toch niet nodig!
***************************************************************************

Bohairic kijkt naar het vuur, naar de overblijvende groepsleden, en naar de holte.

“Dit komt wel goed, jongens…” zegt hij, en hij raakt Urol en Hope aan.

Urol en Bohairic verschijnen meteen in de holte, en achter hen blijft Hope op zijn plek. Hij lijkt alsof hij net heeft ontdekt dat zijn vriendin geen meisje is.

Bohairic gebaart dat hij iets opschrijft en zegt tegelijk, “Niet … weer … doen … bij … Hope…”

***************************************************************************

Tlanextli hoort het vuur en weet meteen dat iemand in de val is gelopen. Hij drijft snel langs de tunnel om te kijken wie of wat gedood is, hongerig voor hun uitdijende levenskracht. Tot zijn grote verbazing treft hij meteen vier levende wezens, bijna overvol met levenskracht! Zijn eerste reactie is woede – indringers in zijn stad! Al snel verandert zijn woede in iets anders … hoop. Misschien kunnen deze stervelingen, die sterk genoeg zijn om de dracolisk te verslaan en de val te ontwijken, ook de barričre penetreren. Dan zou hij eindelijk zijn gehate vijand verslaan! Daarna zou hij aan de stervelingen kunnen dineren… maar deze, de eerste, is zo vol lekkere woede!

Hij heeft er geen geduld voor! De sterveling moet dood!

***************************************************************************

De tunnel lijkt een natuurlijke spleet in de rots. Templeton vermoedt iets van een aardbeving of zo, ergens in het verleden. Na een aantal bochten komt hij aan in een kleine kamer. Genoeg van Sheler haar licht weerkaatst om hem de muren goed te kunnen zien. Ze zijn bedekt met hiërogliefen en rare tekeningen van beesten met vleermuisvleugels die mensen opeten. De oost muur, achter een lage boog, is een grote ijzeren plaat.

“Da’s vreemd…” zegt hij, en dan staat zijn korte haar recht overeind! Voor hem verschijnt eventjes een gloeiende bal licht die een bliksemschicht op hem afschiet! Het balletje verdwijnt weer meteen en hij heeft geen idee waar de volgende aanval vandaan gaat komen.

“Verdomd!” roept hij, “Een bliksem schietend balletje wat verdwijnt!”

Sheler heeft haar verdediging nog meer opgekrikt en heeft een harde huid onder haar lichtharnas.
Ze stormt de kamer in en krijgt een bliksemstraal op haar hoofd! Ze bukt en rolt uit de weg, dan kijkt omhoog. Met haar blindsight ziet ze een wazig gebiedje verstopt in een hoek boven de deur dat het meest op een grote zeepbel lijkt. Voor haar echte ogen is er simpelweg niets te zien.
Templeton springt omhoog in de buurt van het balletje en zwaait met zijn magische schilden. Het balletje ontwijkt hem handig, vliegt verder langs het plafond en schiet weer met bliksem. De schouder en arm van de Genasi worden lelijk rood en krijgen grote blaren. De huid rookt en stoomt en hij bijt aan de rand van zijn schild tegen de pijn.

Achter Sheler vliegt Tin-a-Tin naar binnen. De halfling rolt en bukt en zoekt een veilig hoekje voor zichzelf. Zij laat haar eigen blindsight naar voren komen en richt zich op het balletje. Templeton springt en haalt weer uit, en de twee halflings zien het balletje zijn mep ontwijken. Het balletje schiet ook weer terug, en laat meer blaren en brandwonden achter. Templeton vloekt en zeurt en blijft met zijn schilden in de lucht zwaaien.

***************************************************************************

Hope heeft inmiddels een rondje buiten gelopen. De andere ingang bleek toch te donker te verkennen en hij stampt weer terug naar dat gekke boog. Van de kleine tunnel hoort hij Templeton vloeken en hij zucht.

“Genasi krijst als een baby. Dan moet Hope regelt het even.”

Hij stampt door de boog met de rare skeletten en negeert de haren die op zijn nek rechtop gaan staan. De muur van vuur verschijnt en komt op hem af maar hij heeft het goed getimed en stampt de holte in zonder sneller te moeten lopen. Hij voelt de hitte op zijn rug net voordat hij de tunnel in loopt.

***************************************************************************

In de kamer springt Sheler wanhopig op en neer met haar klauwen omhoog. Templeton zwaait ook in de lucht met de twee magische schilden en Tin vliegt boven Templeton. Zij probeert hem op de juiste plek te krijgen dat ze ruimte vindt achter het stroomballetje.

De Genasi is nu iets trager geworden, en rookt van meer brandwonden. De kamer ruikt naar barbecue en dan vliegen vier gloeiende pijltjes de kamer in. Ze stoppen in de lucht boven Templeton zijn hoofd en voor een ogenblikje is het lichtballetje zichtbaar als een witgloeiende bal.

“Een wil o’ wisp!” zegt Bohairic. “Kwaadaardig, snel, onzichtbaar, bestendig voor bijna alle magie. Shit.”

Timothy kruipt voorzichtig naar de gewonde Templeton toe en fluistert naar hem toe.

“Genezing voor de Genasi! Vecht er niet tegen, Temp!”

Tin blijft missen, Templeton blijft missen, Sheler blijft tekort springen, Timothy blijft healen, de wil o’ wisp blijft Templeton verbranden, Bohairic schiet het weer met magie en Hope zijn voetstappen weergalmen door de tunnel.

“Heeft hij altijd zulke zware voeten gehad?” mompelt Tin.

Hope loopt naar binnen en neemt de scčne in zich op. Hij volgt de blikken van de halflings en Templeton en haalt uit met zijn bijl over hun hoofden.

Plop! De bijl snijdt de bal in tweeën.
Klang! De bijl hakt het ijzer in.
Kletter! Templeton laat een schild op de vloer vallen en grijpt voor een potion.

***************************************************************************

Terwijl Tin Hope vertelt dat hij weer haar held is kijkt Bohairic rond.

Urol kijkt voorzichtig naar binnen en komt ook de fresco’s onderzoeken. Hij gaat met Bohairic in overleg en ze kijken allebei bezorgd.

“Weet je wat het zijn?” vraagt Tin.

Bohairic knikt. “Varrangoin.” zegt hij.

“En wat zijn dat?” vraagt Sheler.

“Bewoners van de Abyss,” antwoordt Bohairic. “Huurlingen voor krachtiger wezens, meestal. Vreemd dat ze hier worden afgebeeld.”

“De Mazticanen hadden verschillende vleermuis, slang en hagedis culten,” voegt Urol toe, “Misschien zijn het gewoon afbeeldingen van hun geloof.”

“Kijk hier,” zegt Bohairic plotseling, van de andere kant van de kamer naast de ijzeren muur, “Dit is niet natuurlijk. Niet gesmeden, dan. Het is waarschijnlijk magisch gecreëerd.”

“We moeten er doorheen, dus!” roept Urol, “Er moet iets heel waardevols zijn, waarom zou het hier zijn, anders?”

Bohairic kijkt naar de rest, “Ik ben het eigenlijk met hem eens.”

Tin kijkt opgelucht, “Hope krijgt ons er doorheen.”

***************************************************************************


KarakterSpelerXPInfo
Bohairic Tuning 970
Hope Eric 970
Sheler Opa 970
Templeton Johan 970
Tin-a-Tin Jacco 970
Plaats de muis boven het om detail informatie te zien.

Gepost door Jeff op 28 augustus 2008 om 0:18 uur.
Reacties van bezoekers (98 reacties)
JeffJeff
Ik doe al vast wat xp terwijl ik mijn kopje thee drink. Als ik leuke springattack xp erbij doe wil Templeton meteen weg om te slapen, maar dan komt vaderlisk natuurlijk naar huis :-)
Gepost op 28 augustus 2008 om 0:24.
JeffJeff
Je moet altijd de keuze overlaten aan de spelers, hč Hendrik?
Gepost op 28 augustus 2008 om 0:25.
OpaOpa
Wanneer komt pappa nou thuis... die geeft wel een beetje meer weerstand toch ?!?!
Gepost op 28 augustus 2008 om 0:41.
TuningTuning
Geef die gast AC40 en hij weet niet meer wanneer ie moet stoppen ;-)
We zijn hier niet om met pappa te praten, maar om de bibliotheek te bezoeken.
En we hebben net de bibliothecaresse verteld dat we geen kaartje nodig hebben... ;-)
Gepost op 28 augustus 2008 om 7:06.
TuningTuning
hehe... 20 puntjes er vanaf... pas op hoor Jeff, dan ben je EVIL en nog wel met hoofdletters!
Gepost op 28 augustus 2008 om 8:15.
JaccoJacco
Ik vond het gewoon weer leuk

Gepost op 28 augustus 2008 om 9:32.
JohanJohan
Hoe krijg je het voor elkaar.
Oke, het kan een keer voorkomen, dat je net een paar XP voor het levelen zit.
Maar dat het elke keer weer gebeurd???

AAAAAAAAARRRRRRRRRRRCCCCCCCCHHHHHHHHHHHHHH!!!!!!!!

Gepost op 28 augustus 2008 om 9:55.
JohanJohan
Zo, dat moest er even uit.
Gepost op 28 augustus 2008 om 9:55.
JohanJohan
Oeeps, ik heb net per ongeluk het hoofd van een van Jeff zijn miniatuurtjes gebroken. :-)
Nu zijn er nog maar 99 met hoofd. :-)
Gepost op 28 augustus 2008 om 10:00.
TuningTuning
Heb je lijm bij de hand?
Gepost op 28 augustus 2008 om 14:54.
Wie zegt wat?
Alleen bij een actieve campagne kun je (indien ingelogd) reacties achterlaten.
© 2003 pepijn
 
Fout spreekwoord
(Voor junks) Een spiegel is niet alleen om in te kijken
 
Agenda
Er is geen speeldatum voor deze campagne
Campagne Top 10
Shackled City Adventure Path
204x gespeeld
Way of the Wicked
111x gespeeld
Savage Tide Adventure Path
109x gespeeld
Campagne Land van Amn
57x gespeeld
Storybook Hendrik
55x gespeeld
Campagne Channath
53x gespeeld
The drow
43x gespeeld
Calimshan
40x gespeeld
Amn
23x gespeeld
DnD weekend Runelords 2012-2019
22x gespeeld
 
Populaire lokaties
Grou
76x gespeeld
St. Anna
16x gespeeld
Wytgaard
11x gespeeld
Leeuwarden
5x gespeeld
Grou & St. Anne
1x gespeeld
 
Overzicht gebruikers
Klik hier als je een overzicht van alle geregistreerde gebruikers wilt zien.