Inhoud Storybook
+ Hoofdstuk 7
+ Hoofdstuk 6
+ Hoofdstuk 5
+ Hoofdstuk 4
- Hoofdstuk 3
  Koers
  Chult
3.1Voorbereidingen
3.2Trossen Los!
  De Boot
3.3Haaienvoer!
3.4Wrede Verstekeling
3.5Aerial Action
3.6Wyverns & Ooze, bah!
3.7Pirates & Pregnancy?
3.8Het komt...
3.9Kraken=Pussy!
3.10Tamoachan dracolisk
  Dracolisk
  origineel plaatje
3.11Vervelend Varrangoin
3.12Urol? Oerol!
3.13Storm en Zeewier
3.14Zeewieraanval!
3.15Het zwart hart
  Sargasso - kaart
3.16The Mother Of All
3.17Victory!
  Loot en stats
+ Hoofdstuk 2
+ Hoofdstuk 1
 
Login
Loginnaam
Wachtwoord
 
 
Registratie
Wil je ook zelf nieuws-berichten, sage advice tips, forum berichten en nog veel meer kunnen achterlaten op deze site? Vraag dan hier een useraccount aan.
Registratie
HOMEPAGE | SAVAGE TIDE ADVENTURE PATH | HOOFDSTUK 3: THE SEA WYVERN'S WAKE
Een gezicht uit het verledenEen gezicht uit het verledenGespeeld bij/in Grou op 30 apr 2008
(reacties)
Avner moet per se als eerste terug. Hij heeft flink wat gedronken en heeft de hele avond met Lavinia geprobeerd te flirten. Ze bleef beleefd, net als Bohairic en Sheler, maar het werd steeds moeilijker om met een goed humeur op zijn racistische, onbeleefde en snobistische opmerkingen te reageren. Hij was ook niet helemaal tevreden met de kwaliteit van het voer voor zijn paard, de dekens op zijn bed, de dichtheid van zijn gordijnen, de zachtheid van zijn matras, de vechtkunsten van de groep, de manier waarop sommigen hem aanspraken, de manier waarop sommigen hem aankeken, de kwaliteit van de wijn aan boord het andere schip en de hoeveelheid halflings aan boord.

Tussen zijn luid geklaag in vertelt hij over het duel hij laatst gewonnen had (de tegenpartij was zo bang dat hij deed alsof hij ziek was). Ook vertelt hij hoe goed een jager hij is en hoe moeilijk het is om vrouwen van goede afkomst te vinden in een havenstad als Sasserine.

Lavinia vroeg of hij iets beters verwachtte op een bijna onbewoond eiland en hij moest erg lachen. Hij strikte zijn snor en zei dat hij een paar ideeën had.

En nu moet hij terug naar zijn hut. Hij klimt op de schommelstoel die weer aan het touwbruggetje tussen de schepen in hangt, en pakt de touwen vast.

“Terug naar m'n hut! Het is niet veel maar je hoort mij niet klagen – ik ben geen nichtje, hè? Over nichten gesproken - ik zie geen flikker, ha ha! Toe maar, matroos! Stuur mij het donker in! Oeps! Iets te veel gedronken, denk ik, ik ging bijna over mijn nek! Tally ho! Sneller! Dit is het echte leven jongens! Geen magie! Geen acrobatische capriolen voor mij! Gewoon normaal, zoals een echte man het AAAARGGGGHHHHHH!!!!!!”

PLONS!

Een groengloeiend pijltje schiet uit het water, brandt door het touw en Avner ligt in het water. Hij wordt in ieder geval erg snel nuchter!

“Wat in de naam van Umberlee’s natte borsten … haal mij hier onmiddellijk uit! Wat? Er is iets hier! Een beest! Waar is mijn zwaard – ik zal hem een lesje leren! Verdomd, ik heb het vastgeknoopt met zo’n vredesknoop. Wat ben ik beleefd! In ieder geval … pak hem! Haal mij uit! Nu! Man overboord! Man overboord! Waar ben je, ik zal je leren! Ik schop je kapot, beestje! Waar blijft de redding jongens? Gooi mij een deken – ik zal je laten zien hoe een echte heer voor zijn leven vecht … in het donker … op zee. Gelukkig ben ik niet dronkeMULPH!”

De mensen die wat beter in het donker kunnen zien, kunnen een klein mannetje met schubben zien, een paar meter voor Avner. Het hangt in de lucht boven het water en heeft net wat zeewater in zijn mond geschopt!

Een pijl, een echte, vliegt van het dek van de Wyvern en kaatst van het mannetje af. Skald vloekt en nokt een tweede.

“Hij is bescherming tegen normale wapens!” roept hij van zijn wachtpost.

Sheler, aan de Nixie, pakt een brood van een groot bord voor de zeilers aan dek en laat het gloeien met een koel, lichtblauw licht. Ze gooit het in het water en laat iedereen zien wat er aan de hand is. Er hangt inderdaad een mannetje van ongeveer 1 meter 20 in de lucht achter Avner. Hij is naakt en zijn huid lijkt die van een vis, zijn ogen zijn groot en zwart, en hij heeft ook vleugels als een vliegende vis.

Templeton springt in actie, letterlijk, en met één sprong haalt hij de spiegel van de Nixie. Hij raapt zijn schild op voordat hij springt en richt het op het mannetje. Een punt van het schild schiet als een pijl op het mannetje af maar het is hem te snel van af. Het kijkt naar de Genasi en vliegt omhoog, waar het een fijne mist over Templeton heen spuugt. Het spul jeukt en brandt een beetje maar hij heeft er niet zo veel last van.

“Een water mephit?” zegt Bohairic. “Wat doet ‘ie hier?”

Bohairic schiet een bliksemstraal op het mannetje af en het hangt even in de lucht, opgelicht in de flits, voordat het naar beneden valt. Een rookpluim komt van het mannetje af als het onder de golven verdwijnt. Kleine vonken blijven even om Bohairic heen flitsen voordat hij de kracht weer loslaat.

De boten hebben al langzaam verder gevaren en het licht drijft nu achter hen. Avner blijft roepen om hulp en wraak, en probeert langzaam naar het lijk te zwemmen om het een lesje te leren. Tin, die zich al naar de Wyvern was geslingerd, laat een pijl gloeien en gooit het naar beneden waar het in de plank van de schommel terechtkomt. Lirith werpt een touw met een kurken reddingsring naar Avner toe en terwijl zij en Tin de natte heer omhoog hijsen haalt Templeton de bewusteloze mephit aan boord de Nixie.

************************************************

Met behulp van Sheler is de mephit snel weer fit, en ook vastgebonden. Hij zegt sorry voor het aanvallen, maar hij was al jaren in een potje gevangen en kon zich niet inhouden toen hij vrij werd en Avner zag hangen. Vreemde dolfijngeluidjes komen uit zijn mond – hij spreekt Aquan. Bohairic en Templeton gelukkig ook!

“Zand erover, toch?” lacht hij, vrolijk. “Ik schiet op jullie, jullie sturen mij bijna de pijp uit. Staan we quitte. Mag ik naar huis?”

“Ja, straks. Eerst nog een paar vragen.” Bohairic neemt de ondervraging over. “Waar kwam jij vandaan? En waarom schoot je op Avner?”

“Heette hij Avner? Kon me niet zo veel schelen, joh! Hij hing daar zo grappig – het zou zonde zijn om het NIET te doen!”

“Hoe komt het dat je toen langs kwam?”

“Langs kwam? Ik werd eindelijk vrijgelaten!”

Na een stilte beseft hij dat hij door moet gaan, en dat doet hij vrolijk.

“Nou, zie, ik zat al twintig jaar in een potje, man!”
“…”

“Oké, hoe kwam in een potje, hoor ik je zeggen. Ik was gewoon thuis, lekker aan het zwemmen, een beetje achter de meiden aan en zo, weet je? En toen – paf! Hing ik in zo’n cirkel. Verdomde magiërs! ZO – ik hing in een cirkel, in een donkere kamer, met kaarsen en zo. Er stond een mens, een beetje een man, met haar en een hoed en zo. Hij deed wat magie en ik werd in een klein jampotje gestopt. Dat zal vast ook magisch zijn geweest – anders waren mijn schouders echt naar de klote! Nou, twintig jaar in een potje, geen uitzicht of wat dan ook – echt vet SAAI! En toen was ik in het water. Vrij! Ik kwam omhoog en zag twee schepen, en daar tussenin hing jullie maatje. Aan een touwtje! Ik kon het niet laten! Schiet schiet schiet, vlieg vlieg vlieg, en hier ben ik. Zo, Genasi man – zin om te gaan zwemmen?”

“Wacht u even, meneer,” zegt Bohairic, “Ik wil nog even iets proberen – om zeker te zijn dat je niets vergeten bent. Het is een tijdje geleden, toch?”

De mephit knikt instemmend en Bohairic gaat door.

“Eigenlijk wil ik je helpen om alles te herinneren, door middel van mijn bijzondere hypnotische krachten. Het wordt erg leuk en je ziet ook mooie kleurtjes. Vind je dat leuk?”

“Kom maar op! Het gaat je toch niet luk…”

Gloeiende lichten omhullen Bohairic en worden weerspiegeld in de grote ogen van de mephit. Het begint te kwijlen en valt stil. De tovenaar laat de mephit zijn verhaal weer vertellen, en het blijkt dat het ongeveer klopt. De tovenaar had een donker gewaad aan, en had een donkere baard. Hij had veel embleempjes op zijn gewaad, en ook een ketting met een iets groter symbool op – een muntstuk met een spijker in. Het symbool van de Rundeen, een organisatie koopmannen die niet altijd volgens de wet handelen. Daarna vraagt hij weer hoe de mephit tussen de schepen in kwamen. Het wezentje weet alleen dat zijn potje plotseling onderwater was, en open. Tevreden met de antwoorden, laat Bohairic de betovering ontrafelen.

“…ken. Zie je wel? Sorry, hoor maar dit begint een beetje vervelend te worden. Ik ga liever zwemmen.”

“Dan gaan we even zwemmen.” zegt Templeton.

Hij springt in het water en de mephit vliegt achter hem aan. Terwijl Templeton de schepen van onderwater inspecteert, raast Merphyn de Mephit her en der achter de visjes aan. Aan bord de Nixie doet Bohairic verslag aan Lavinia, die belooft haar ogen open te houden. Iemand heeft de mephit losgelaten – maar wie? En waarom?

************************************************

De volgende dag treffen Bohairic, Sheler en Tin-a-Tin Pater Feres aan dek. Ze raken in gesprek en hij vertelt een beetje zijn levensverhaal. Hij is niet zo lang priester geweest, het is een soort tweede kans voor hem. Opgroeien in Marsember, zijn leven ging zwaar achteruit toen zijn ouders slachtoffers waren van een nare ziekte. Vanaf zijn vijftiende moest hij voor zijn twee zusjes zorgen, wat niet altijd meeviel. Op een gegeven moment was geld erg krap en begon hij te stelen – eerst alleen om eten te kopen voor de familie, maar later omdat het erg leuk was. Een jaar later werd hij opgepakt en de gevangenis ingegooid. Vijf jaar lang moest hij in een donker gat wonen, en hij keek erg naar uit naar de momenten, een paar minuten per dag, wanneer een raampje opende en hij een bakje eten kreeg. Dat licht werd voor hem alles!

Met de komst van een nieuwe Stadhouder vorig jaar werden de meeste gevangenen vrijgelaten. Hij kon zijn zusjes nergens vinden, had geen baan, en was zwaar vermagerd en verzwakt. Halfdood liep hij wankelend door de straten totdat hij voor de Tempel van Lathander stond. Hij had geen idee hoe hij daar kwam maar opeens stond hij in een zonnestraal, die van de gouden koepel van de Tempel weerkaatste. Sindsdien leefde hij alleen voor Lathander. Hij wou geen normale cleric worden en koos ervoor om als asceet de God te dienen. Hij wist niet meer wat hij zou doen met een salaris!

En toch viel het leven in de stad niet mee. Na vijf jaar in een donker gat kon hij niet zo goed met mensen opschieten. Hij kon wel met een klein groepje overweg, maar een drukke stad was hem ook een beetje veel. De Abt had een oplossing! Er was een klein kerkje in een verafgelegen gebied, dat wat steun nodig had. De Abt had een aantal rollen voorbereid en had iemand nodig om ze daar heen te brengen. Achteraf gezien had hij ze ook magisch kunne versturen, waarschijnlijk, maar hij bedoelde het goed. Hij had gewoon een mooi plekje uitgezocht – weg van de drukte en gedoe.

En nu zit hij op schip, onderweg naar zijn bedevaartsoord.

************************************************
25 Flamerule 1375

’s Avonds kan Tin niet slapen – ze voelt misselijk en heeft het erg koud. Het gevoel neemt talleen maar toe en ze half loopt, half kruipt naar Sheler toe voor advies. Sheler probeert haar ziekte te genezen maar het helpt niet! Gealarmeerd roept Sheler Bohairic erbij en die gaat meteen aan de slag de mogelijkheden te onderzoeken. Al snel komt hij erachter dat Tin-a-Tin vergiftigd is!

Terwijl hij, samen met Sheler en Timothy, het precieze gif probeert te identificeren, lopen ze de mogelijkheden langs. Ze hadden allemaal hetzelfde avondeten gegeten, ze hadden allemaal van dezelfde waterton gedronken, wat was er dan gebeurd? Was Tin in haar kamer vergiftigd? Bohairic lokaliseert het vergif – het is inderdaad zichtbaarder bij Tin haar mond, slokdarm en buik. Tin, die ligt te bibberen en erg bleek is geworden, denkt te herinneren dat ze ook een mango naast haar bord trof. Ze had er niet over nagedacht, en had het gewoon razendsnel naar binnen gewerkt, voordat anderen hapjes wilden!

Sheler weet het vergif te neutraliseren met een krachtig spreukje, maar Tin blijft erg zwak. Bohairic identificeert het vergif als een soort arsenicum. Dit stof heeft een lichtzoet smaak, maar dat zou niet opvallen in een verse mango. Ze laten Tin in het ruim liggen, naast haar waakotter, en kijken regelmatig dat het goed met haar gaat.

Bohairic besluit om elke dag het schip te onderzoeken voor magie, het kwaad, en vergif. Een aparte voorraad wordt opzij gezet voor Tin en die belooft niet te gaan snacken zonder dat Bohairic het nakijkt.

************************************************

Later op die avond hangt Hope weer in zijn stoel bij het wiel wanneer Miriam Timmerman hem weer opzoekt om te kletsen. Ze vraagt of ze iets met hem mag bespreken, en waarschuwt hem al vast dat het erg persoonlijk is en dat ze zich er voor schaamt, en bang is dat hij boos zal worden.

“Dat komt wel goed, meid. Zeg het maar gewoon!”

“Oké …. Hope, mag ik je Hope noemen? Ah, goed, oké dan, het zit zo. Mijn stomme ouders hebben besloten dat ik met ze naar dit eiland moet en ze hebben ook al gezegd dat ik daar met iemand moet trouwen om de familie een goed start te geven. Er schijnt een of ander rijke ouwe man daar te wonen van een goede familie. Ik had overwogen om weg te rennen maar ja, ze hebben verder niks, en we zijn alles kwijt in Sasserine vanwege de ouwe huurbaas. Ik moet het gewoon doen – voor mijn familie, weet je. Nee, wacht even, je hoeft nog niks te zeggen – ik zal hem trouwen en we zullen daar een nieuw leven opbouwen en zo. Maar … wat het is … ”

Ze bloost en een traan verschijnt bij haar oog.

“Het is dat … um … wat het is … shit … hoe kan ik dit zeggen? Ik zeg het gewoon. Je moet me niet haten! Ik ben maagd.”

Ze zucht, en veegt aan haar wangen.

“Ik ben maagd en ik ga trouwen met die man en dan moet ik het met hem doen en het zal vast niks worden en ik ben nooit verliefd geweest en ik wil … ik wil … ik wil het gewoon een keer met iemand doen van mijn leeftijd. Met jou. Als je dat wilt. Je hoeft verder niks te doen of te zeggen en je moet natuurlijk niemand vertellen en we kunnen geen relatie hebben, maar je bent gewoon een leuk jongen, en best knap ook. En dan weet ik hoe het kan zijn en dan heb ik dat. Als het me niet mee zit kan ik terugdenken aan deze reis en zo en dan kan ik vast weer.”

Ze kijkt met rode ogen naar Hope, die rechtop gaat zitten.

“Shit, meisje, meen je het? Nou, ja, lijkt me leuk, ik bedoel – als je het echt weet, waarom niet? Ik ben verder vrijgezel en jij nog ook wel, toch? Die andere jongen is …”

“Will? Nee – hij is veels te jong! En ik weet het al – hij zou verliefd worden of problemen maken. Jij bent al een man. Zullen we … zal ik … zal ik beneden op je wachten? In jouw hut? Templeton heeft straks wacht, toch, en dan ben jij vrij. En die halfling – die is meestal bij jou in de buurt, vindt zij het niet …?”

“Tin? Die is ziek, en we zijn gewoon maatjes! Ik ben straks beneden, en als ik je zie, dan zien we wel.”

************************************************

Hope maakt zijn wacht af en loopt naar zijn hut toe, benieuwd. Ze zit op zijn bed op hem te wachten in een korte broek en wit hemdje. Ze is wel erg mooi, en ze kijkt hem glimlachend aan.

“Ga maar op bed liggen, Hope. Het moet perfect zijn, en ik moet me nog … klaarmaken. In mijn hoofd. Ga maar liggen, doe je schoenen uit…”

Hope laat zijn enorme bijl naast zijn bed vallen en doet zijn sandalen uit. Hij ligt op het bed en kijkt benieuwd naar het meisje, die begint te dansen. Ze maakt steeds erotischer bewegingen en hij voelt de kamer warmer worden. De spanning in zijn spieren neemt af en dan gebeurt het vreemdste ding.

Hij kan zijn ledematen niet bewegen! Zijn nek, zijn hoofd, alles is verlamd! Hij kan niks zeggen, en in zijn maag voelt hij een bijtend pijn groeien – ze heeft magie op hem gebruikt! Zijn verlamde gezicht laat geen teken van zijn pijn zien en hij kan niet schreeuwen terwjil de pijn en een draaiend gevoel in zijn maag steeds erger wordt.

En dat is niet alles. Miriam staat nu naast het bed en ze probeert zijn bijl op te rapen. Blijkbaar is het te zwaar voor haar, want ze laat het vloekend weer vallen.

“Is ze een dief?” denkt hij, “Het ding is zeker duizenden waard …. Wat de…?”

Miriam heeft een mes getrokken en ze loopt op hem af, haar gezicht nu veranderd in een uitdrukking van haat. Ze haalt haar arm terug en hamert het mes in zijn nek! Bloed sproeit op haar arm en over het plafond – ze heeft een ader geraakt! De pijn in zijn buik mengt met de pijn in zijn nek en hij raakt bijna bewusteloos. Hij vecht tegen de pijn, tegen de neiging om te gaan slapen, om toe te geven aan de duisternis die hij nu om hem heen waarneemt. Hij kan alleen rechtuit kijken, de rest van de kamer is al zwart. Toch verzet hij zich, hij gaat zo niet dood! Godverdomme! Wat een onzin! Dat het zo eindigt en … geen idee waarom … wat de …

Het gezicht van Miriam verandert weer – van blij en tevreden naar bang en verward. Ze loopt achteruit en verdwijnt uit zijn gezichtsveld. Hij hoort de deur openen en sluiten. De pijn in zijn buik overheerst nu alles. Bloed spuit niet meer omhoog, maar hij voelt erg zwak, en gewond.

************************************************

Langzaam maar zeker krijgt hij weer gevoel in zijn lijf. Zijn nek doet erg pijn – hij kijkt omlaag en ziet het mes, nog steeds in zijn nek! Hij trekt het eruit en gooit het op de grond. Bloed sijpelt uit de wond – het is bijna dicht! Geen wonder dat ze schrok! Het geneest niet verder en hij moet een doekje gebruiken om de wond te stelpen. Het gevoel in zijn maag – waar hij al zijn krachten vandaan haalt – is weg. In plaats daarvan voelt hij een soort leegte. De bron van zijn bovennatuurlijke genezing, en al zijn ander krachten, lijkt uitgeput. Verdomde magie!

************************************************

De rest van de nacht verloopt rustig, maar de volgende ochtend breekt de hel los! Met nog anderhalf dag te varen voor Port Castigliar is de bemanning vooral erg relaxed wanneer Hope, met een bloedig verband om zijn nek en in vol harnas, naar het wiel loopt. Aan het stuurbord kant is de kust van Chult net zichtbaar, groen met wolkjes vogels die in de lucht heen en weer vliegen.

Hope, met een gezicht als een donderwolk, loopt op het wiel af. Hij zet John Silver opzij, zet zijn voeten schrap, en haalt uit met zijn bijl! Met een kraak slaat zijn bijl in het hout van de wielbehuizing, het blad tussen twee spaken in. Het wiel staat op slot!

“NIEMAND RAAKT MIJN BIJL AAN TOTDAT IK WEET WAT ER HIER AAN DE HAND IS!”

“Wat IS er aan de hand, Hope?” zegt John, “Amella zal echt pissed zijn wanneer ze dit ziet!”

“IK BEN PISSED!” schreeuwt Hope, “Haal jij de kapitein even, John. Ik heb toch het stuur…”

John Silver kijkt hem onzeker aan, niet wetend of hij mag lachen. Hij neemt geen risico’s en loopt de trap af naar beneden, waar hij Amella treft. Ze hoorde al het bijl inslaan.

“HOPE! Wat in de naam van Umberlee’s met zeewier verstopte gleuf heb je mijn schip aangedaan?”

Amella loopt op hem af, nog steeds vloekend, totdat ze recht voor hem staat. Haar hoofd komt maar tot zijn borstkas, en haar tengere lijf is even breed als zijn been. Ze deinst niet voor hem terug en blijft schelden en Hope in de buik prikken met haar uitgestoken vinger. Hope lijkt de juiste aandacht te hebben gekregen – de hele bemanning staat nu aan dek te kijken – en haalt zijn bijl er weer uit.

John neemt voorzichtig plaats achter het wiel en Hope zijn vrienden komen bij het wiel aan.

“Wat is er gebeurd?”
“Wat is dat aan je nek – bloed?”
“Wat is er aan de hand?”

Hope legt uit dat die Timmerman muts hem heeft geprobeerd te vermoorden. Bohairic mompelt en gesticuleert totdat zijn ogen blauw licht beginnen uit te stralen.

“Ik snap niet hoe je nog steeds gewond bent, Hope … o jee! Je energiebanen … oftewel, de rare, magische energie wat je had – die is helemaal in de war!”

“Dat zei ik, toch. Vermoorden!”

Hij vertelt dat het meisje hem bezworen had, en dan in de keel gestoken! Sheler en Templeton kijken elkaar aan en lopen naar beneden.

“We halen haar even op.”

************************************************

De twee lopen naar beneden, naar het voorste stukje ruim waar de twee families slapen. De kleine halfling, bruin door de zon, in een wit hemd valt bijna niet op naast de lange, lichtblauwe genasi. Templeton zijn haar is weer bijna vier centimeter lang en probeert weer te zwaaien. Hij heeft een schild met spiesen op zijn rug en een tweede in zijn linker hand.

De ruim is opgedeeld met schuttingen en tussen elke twee schuttingen staan stapelbedden drie hoog en een kist die als tafel dient. Een plank met een houten kom water op is aan één wand vastgespijkerd, aan de overkant van de bedden. Een lap zeil fungeert als deur bij elke ‘hut’.

Templeton slaat met zijn vuist op de schutting en haalt het zeil opzij. Drie slaperige hoofden van de familie Timmerman kijken uit hun bedden naar de ingang.

“Wat is er? Problemen? Gevaar?” vraagt Michael.

“Meekomen, muts!” roept Sheler, en ze wijst naar Miriam in het bovenste bed.

De familie kijken met enorme ogen naar Sheler, die tot nu toe altijd beleefd is geweest.

“NU!”

Michael gaat zitten en komt uit het bed. Hij lijkt helemaal in de war en krabt op zijn achterhoofd.

“Wat is er met mijn dochter? Je kunt niet zomaar … wat heb je gedaan, Miriam?”

Miriam haalt haar laken op tot haar kin, haar ogen nog steeds groot en rond.

“Niks! Ik weet niet wat …”

“Je komt nu mee naar de kapitein” zegt Sheler.

Ze zegt een paar harde woorden en haar handen veranderen in grote, zwarte, harige poten met vlijmscherpe klauwen op. Miriam en haar moeder gillen tegelijk en het meisje schiet uit bed om zich achter haar vader te verstoppen. Hij probeert haar een beetje af te schermen van de twee boze avonturiers.

“Hoe durf je ons zo te bedreigen! Dit is helemaal niet nodig! Wat willen jullie van ons? Wat is hier verdomme aan de hand? zegt Michael.

“Vraag je dochter maar wat ze vanochtend heeft gedaan!” zegt Sheler.

“Wat? Vanochtend? Wanneer? Wat? Ik snap het niet…” zegt Miriam, die ook begint te huilen.

“Vanochtend? Wanneer, vroeg? Zonet?” zegt Michael, “Het meisje sliep. Hier! Met ons!”

“Ze komt nu mee naar de kapitein. Jullie ook.” zegt Sheler.

De familie beslissen om mee te gaan en lopen met de twee mee naar het wieldek, waar Hope, Amella en Bohairic met gloeiende ogen nog steeds in hevige discussie staan. Bohairic let op de gezichten van de familie maar ziet geen verdachte blikken wanneer ze aankomen. Zijn Arcane Sight geeft ook aan dat er geen spreuken actief zijn op de drie, en dat ze allemaal zelf geen spreuken kunnen gebruiken. Hij vertelt dit aan de anderen maar Hope vindt het allemaal niks.

“Ze heeft een mes in mijn keel gestoken!”

Templeton probeert de discussie wat redelijker te voeren, en uiteindelijk mogen de familie weer weg. Ze beweren nog altijd helemaal niets te weten van de aantijgingen en Bohairic kan bevestigen dat ze de waarheid spreken.

Hope is nog steeds boos, maar voor Templeton en Bohairic is het duidelijk dat er meer aan de hand is.


Laan, Miriam haar moeder, is nu meer boos dan bang, en ze loopt naar Sheler toe.

“Ik weet niet wat er hier aan de hand is, maar dat u ons zo probeert te schrikken … ik had eigenlijk meer van u verwacht. U bent niet zoals u voordoet, en dat vind ik jammer. Ik hoop dat jullie dit oplossen, en dan bent u mijn dochter, nee, onze familie, uw excuses schuldig.”

Ze loopt weg voordat Sheler haar kan antwoorden. De druïde kijkt naar de groep, verbaasd.

“Gewoon even de ernst van de situatie aantonen… nergens voor nodig, zo’n houding…”




KarakterSpelerXPInfo
Bohairic Tuning 420
Hope Eric 670
Sheler Opa 420
Templeton Johan 420
Tin-a-Tin Jacco 470
Plaats de muis boven het om detail informatie te zien.

Gepost door Jeff op 1 mei 2008 om 0:58 uur.
Reacties van bezoekers (15 reacties)
JeffJeff
Happy Birthday Johan!
Gepost op 1 mei 2008 om 20:33.
JeffJeff
Merphyn lijkt een beetje op Dobby de Huiself, maar dan met scubben en 4 vleugels...
Gepost op 3 mei 2008 om 15:08.
JeffJeff
Of zelfs schubben :)
Gepost op 3 mei 2008 om 15:09.
EricEric
Help, we moeten nog zo ver varen...
Gepost op 3 mei 2008 om 17:31.
TuningTuning
Hehe... we kunnen em ook gewoon dumpen... :-D
Gepost op 3 mei 2008 om 18:20.
JeffJeff
Misschien lust hij wel paard...
Gepost op 3 mei 2008 om 19:16.
JeffJeff
Hopelijk heb ik morgen tijd om tot Hope zijn stoeipartij te komen in het verhaal.
Gepost op 7 mei 2008 om 1:54.
JeffJeff
Daar is 'ie al. Moet nog een klein stukje :)
Gepost op 9 mei 2008 om 13:52.
EricEric
Very nice Jeff. Dat dacht ik inderdaad, dat ze mijn bijl wilde jatten.... oef
Gepost op 9 mei 2008 om 22:39.
EricEric
met zeewier verstopte gleuf... Jeff toch, HOE kom je er op, haha
Gepost op 9 mei 2008 om 22:40.
Wie zegt wat?
Alleen bij een actieve campagne kun je (indien ingelogd) reacties achterlaten.
© 2003 pepijn
 
Fout spreekwoord
Liever een houten kop van alcoholica, dan een waterhoofd van blauwe spa
 
Agenda
Er is geen speeldatum voor deze campagne
Campagne Top 10
Shackled City Adventure Path
204x gespeeld
Way of the Wicked
111x gespeeld
Savage Tide Adventure Path
109x gespeeld
Campagne Land van Amn
57x gespeeld
Storybook Hendrik
55x gespeeld
Campagne Channath
53x gespeeld
The drow
43x gespeeld
Calimshan
40x gespeeld
Amn
23x gespeeld
DnD weekend Runelords 2012-2019
22x gespeeld
 
Populaire lokaties
Grou
76x gespeeld
St. Anna
16x gespeeld
Wytgaard
11x gespeeld
Leeuwarden
5x gespeeld
Grou & St. Anne
1x gespeeld
 
Overzicht gebruikers
Klik hier als je een overzicht van alle geregistreerde gebruikers wilt zien.